| Woensdag 1 november 2000 Kan, mag, wil, doen Door: Aad van den Ende Ondernemer/Directeur Pecos Nederland B.V. Baanhoekweg 92 a 3313 LP Dordrecht telefoonnummer: 078-6168016 Faxnummer: 078-6215484 Email: aadvandenende@pecos.nl Aad van den Ende onderaan begonnen, opgegroeid in de staalwereld, sinds 1995 werkzaam en thans ondernemer in de baggerverwerkende industrie. Uitvinder, denker, doener. In de vrije tijd als voorzitter van Wijkberaad Nieuw-Waldeck actief betrokken bij het sociaal en maatschappelijk werk in de Gemeente Den Haag. Samenvatting toespraak: Bagger verwerken kan. Bagger verwerken mag. We willen het in Nederland. Wat gaan we nu doen? Voor Pecos Nederland B.V. zijn vraagstukken als kunnen, mogen en willen een gepasseerd station. Als pionier op het gebied van het verwerken van verontreinigde baggerspecie is Pecos al sinds de jaren tachtig actief in de markt. Vanaf 1995 exploiteert zij een permanente baggerscheidingsinstallatie aan de Derde Merwedehaven te Dordrecht waarmee jaarlijks 150.000 mtr3 specie kan worden verwerkt. Tot januari 2000 was Pecos Nederland B.V. een bloeiend bedrijf. Als gevolg van de traagheid bij de Rijksoverheid in het vertalen van politieke wil via beleid naar daadwerkelijke uitvoering, lijkt aan die bloei een einde gekomen. Het gesprek Impuls B2 lijkt niets anders op te leveren dan argumenten voor het bouwen van meer stortruimte. Dat was niet de bedoeling. De overheid laat na de instrumenten ter beschikking te stellen waarmee een gezonde markt kan worden gecreëerd, een markt met eerlijke kansen. In plaats van een werkelijke impuls is de markt nu lamgeslagen. Iedereen wacht op iedereen en we zwelgen in de impasse. De visie van een ondernemer Met visie kan worden bedoeld de brede blik, het charisma, het voorzien, het vooruitzicht van de ondernemer. Ook kan het de mening betekenen die de ondernemer over een onderwerp heeft. Dat kan twee heel verschillende invalshoeken geven. De mening vloeit voort uit de ondernemersdrang, het is daar het direct gevolg van. Mijn toekomstvisie: - Alle baggerspecie is reinigbaar. - Verwerken is goedkoper dan storten. - Er komen geen nieuwe baggerdepots bij en oude worden opgeruimd. - De overheid kan zelf geen verwerkingscapaciteit creëren, het bedrijfsleven wel, gegarandeerd. Vervolgens mijn standpunt, mijn mening over de huidige ontwikkelingen: "Sta eens stil bij het feit dat het anders kan." Deze uitspraak hoorde ik al eerder van iemand uit de top de ABN-Amro bank. Deze week vond ik hem op de discussiesite voor het personeel van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. Het lijkt mij dat de tekst daar niet zonder reden staat. Het kan anders. Het kan anders. Ziehier een jonge dame. Misschien dat de plaat u wel bekend voorkomt. Ik wijs u op de juffrouw en daardoor heeft u de oude dame in hetzelfde plaatje niet opgemerkt. Ziet u het nu ook? Een schoolvoorbeeld van hoe uw waarneming wordt beïnvloed door mijn mededeling. Waarneming wordt ook beïnvloed door emotie en door sfeer, omgeving. Het kan anders, maar kun je het wel zien dat het anders kan? Je moet er in ieder geval op gewezen zijn. Dat is een belangrijke voorwaarden om het te kunnen zien. Weet je het niet dan zie je het niet. - Het kan anders, maar mag het ook anders? Mag je wel zo tegen de feiten aan kijken? Als je het wel ziet maar niet mag, wie ben ik om er iets van te zeggen. - Het kan anders, maar is de wil er wel? Willen we het wel anders zien? Als het je wel gezegd is maar je wil het niet anders zien, tja. - Het kan anders, maar doe je het ook? Wat weerhoudt je ervan om het anders te doen. Je kunt wel, je wilt wel en je mag wel, maar je doet het niet. Dat duidt op weerstanden. Een luchtballon komt niet van de grond als niet de touwen worden losgegooid. Je kunt er warme lucht in blijven pompen tot je een ons weegt, maar hef je de weerstanden niet op, dan zul je nooit vliegen. Is er twijfel of het ding wel kan vliegen? Weet je niet of je het wel mag? Wil je eigenlijk wel vliegen? Grootschalige baggerverwerking komt maar niet van de grond omdat er weerstanden bestaan. De weerstanden worden ergens door veroorzaakt. Nemen we oorzaken weg, daarmee ook de weerstanden. De oorzaak kan zijn niet kunnen, kan zijn niet mogen, kan zijn niet willen. De drie vooringenomen argumentaties die worden gebruikt om grootschaliger verwerking van baggerspecie niet boven storten te laten prevaleren zijn: - Er is geen techniek - Er is geen capaciteit - Het is te duur Techniek, capaciteit en tarieven, daar kan door de industrie aan worden gewerkt. Techniek is al jaren geen enkel probleem. Als meer baggerspecie ter verwerking wordt aangeboden treedt vanzelf de markt in werking waardoor de industrie voor meer capaciteit gaat zorgen. Als door verhoging van het aanbod de markt haar werk kan doen, gaat vanzelf omlaag. Daarna ontstaat vanzelf een evenwichtige tarievensfeer. Financiën mogen trouwens geen onderdeel van de overweging zijn om niet tot verwerking over te gaan. Daar is de wet Milieubeheer duidelijk in. De industrie had al met grootschalige capaciteit klaar kunnen staan, maar onzekerheid weerhoudt haar daarvan. De onzekerheid die al in bepaalde mate bestond is door Impuls B2 toegenomen. Die zekerheid had wel gegeven kunnen worden. De overheid laat namelijk al jaren de instrumenten liggen waarmee de markt voor baggerverwerking een eerlijke kans kan krijgen. Wij bemerken niet dat Impuls B2 daar verandering in heeft gebracht. Deze nalatigheid neem ik haar kwalijk. Mogen we deze instrumenten even de revue laten passeren? Het volledig toepassen van de Ladder van Lansink is zon instrument. Storten staat daarbij op de onderste trede omdat dat het laatste alternatief is. Aan de ladder van Lansink moet een nieuwe trede worden toegevoegd. Laten liggen. De ladder wordt, zo het uitkomt, ondersteboven toegepast. Dus storten als eerste oplossing. Met name bij verontreinigde baggerspecie, dan overigens volgens de wet als afvalstof dient te worden aangemerkt, is dat het geval. Storten zou verboden moeten worden. Drempelverhogingen voor storten moeten zorgen voor een schaarste. Door het schaars houden van stortmogelijkheden valt een belangrijk segment toe aan de baggerverwerkende industrie. De hoeveelheid verontreinigde bagger is te groot om te kunnen worden gestort, nu en in de toekomst en als je op grote schaal blijft storten wordt het nooit wat met verwerken en raak je ook niet door de problemen heen. En dat nog afgezien van de toenemende maatschappelijke weerstand tegen de aanleg van nieuwe depotruimte. Intussen wordt een vierde poging ondernomen om een milieu-effect-rapport er door te krijgen voor de aanleg van depot Hollands Diep. Er wordt geprobeerd met een betere tekst en met betere communicatie hetzelfde voor elkaar te krijgen. De maatschappelijke weerstand tegen de aanleg zal daardoor alleen maar toenemen. Onderhand zijn we beter in dweilen dan in het dichtdraaien van de kraan. Het kan anders, er zijn alternatieven. Het definitief invoeren van een heffing op milieugrondslag -de BOM-heffing- is een ander instrument en betekent een aanzienlijke stimulans om te gaan verwerken. Want de tarieven kunnen daardoor dichter naar elkaar toe groeien. Rondpompen van geld is geen argument. De overheid wordt net zo geacht zich aan de wet te houden als het bedrijfsleven. De verplichting van het gebruik van secundaire grondstoffen uit baggerspecie in infrastructurele werken. Bestekken eerst invullen met beschikbaar secundair materiaal. Kan misschien mooi subsidie op worden gegeven. Is besproken, wordt niets aan gedaan. Uit deze afbeelding van Nederzand.nl is de behoefte en het structureel tekort aan zand in Nederland in beeld gebracht. Uit deze prognose blijkt dat het tekort over de komende acht jaar gemiddeld 7,8 miljoen ton per jaar is. Het zand dat vrij kan komen uit verontreinigde baggerspecie kan het tekort verkleinen. Over harmonisatie van de storttarieven voor producten uit baggerspecie is na Impuls B2 weinig teruggezien. Moet uit het feit dat het gewenste beleid niet in gang wordt gezet worden geconcludeerd dat het nog niet consistent is? Waar zijn we dan precies beland na een jaar soebatten? Tot het einde van vorig jaar hadden we tenminste nog een markt, die is nu verdwenen. Misschien hadden we tot die tijd een duidelijker en consistenter beleid dan nu. Klopt ook wel want toen bestond de 20% hergebruikdoelstelling nog. Die lijkt nu om zeep. Merkwaardige manier van werken. Met impuls B2 waren we tot de conclusie gekomen dat: - Bagger verwerken kan, - Bagger verwerken mag en - dat we baggerverwerking willen Kunnen, mogen en willen is voor ons allang een gepasseerd station. Gebeurt er nu eindelijk ook eens wat? Gaan we nu ook iets doen? Pecos is al actief sinds jaren tachtig en is een pionier op dat gebied. We begrijpen de discussie over proeven doen dan ook niet. Al sinds januari is er geen werk. Tot die tijd was het een going-business. We verwerkten normaal zon 150.000 ton verontreinigde baggerspecie per jaar. Dit jaar nog slechts 7.000. En we zien niet waarom de bagger niet zou kunnen komen. Het beslisdocument waarmee de staatssecretaris straks de Tweede Kamer in gaat, is gelardeerd met argumenten om nieuwe depotruimte te realiseren. Dat was niet de opzet van het gesprek met de baggerverwerkende industrie. We gaan in 2003 pas een proefje nemen. Een proef! In 2003! En het heet nu plotseling een proef. Ik begrijp dat niet, sterker nog, ik vind het onacceptabel. Pecos werkt al jaren en heeft baggerverwerking nooit als een proef beschouwd. Werken moet het motto zijn. Geen proef, geen subsidie. Dat doet een goede marktwerking geen deugd, daardoor worden tarieven ondoorgrondelijk. Als de juiste instrumenten worden aangewend dan heb je geen cadeautjes en interventies en discussies nodig. Het kind heeft vezels nodig, vitaminen, mineralen. Met snoepjes groeit het niet op tot een gezond mens. In het plaatje wordt blijkbaar nog steeds maar één figuur gezien. Wat heeft de overheid nou precies nog meer nodig? Moet er nog meer hete lucht in de ballon? De touwen zitten nog vast. Hoe moet het worden gezegd voordat het wordt gezien? Ik weet niet of men het niet kan zien, niet mag zien of niet wil zien. Na zon gesprek met het bedrijfsleven in Impuls B2 zal Rijkswaterstaat het wel moeten kunnen zien. Alles is namelijk ter tafel geweest. Maar we bemerken dat een aantal opmerkingen niet serieus is genomen. Is daar nu sprake van niet mogen of van niet willen. In ieder geval wordt er niets gedaan. Het gaat erop lijken dat de wil eenvoudig ontbreekt. De baggerverwerkende industrie heeft gezond en duidelijk beleid nodig, een beleid dat wordt gehandhaafd en dat gebruik maakt van de juiste instrumenten, ze heeft werk nodig. Daarmee wordt het een gezonde bedrijfstak. Het kan anders. We kunnen, we mogen, we willen, we moeten. |
|