Ingezonden brief Cobouw, 3 febr. 2003.

In 1998 werd de Hofvijver gebaggerd. Onder de ramen van de premier en de Eerste Kamer werd de tachtig centimeter dikke laag zwaar vervuilde bagger voor het eerst sinds lange tijd grondig verwijderd. Die 15.000 mtr3 bagger werd door Pecos in Dordrecht verwerkt. Speciaal voor de gelegenheid werd het grove vuil onderzocht op historisch materiaal. En dat leverde nogal wat op. De gevonden voorwerpen kwamen in bewaring in het depot van de archeologische dienst van de gemeente Den Haag. In dat najaar werd een selectie van de gevonden voorwerpen in het Tweede Kamergebouw tentoongesteld. Vooral de politici konden vergaapten zich aan de meest uiteenlopende vondsten. Stapels creditcards, nummerborden, paspoorten en uniformknopen. Er waren gouden ringen gevonden en halskettingen, prachtig glaswerk en oude potscherven. Knikkers en  plastic kinderspeelgoed langs de kant van de Lange Vijverberg en gebroken champagneflessen en -glazen, dildo’s en vibrators (grote mensenspeelgoed) langs de kant van de Kamergebouwen.

Vanaf dat moment kon in ieder geval niet meer worden gezegd dat het in Nederland ontbreekt aan verwerkingsmogelijkheden voor verontreinigde bagger of dat nog slechts in proefopstellingen wordt verwerkt. Pecos kon in 1996 al rendabel draaien met een professionele, centraal opgestelde  installatie. Er werden billijke prijzen betaald door de aanbieders, ook voor de bagger uit de Hofvijver. Pecos nam initiatief en gaf invulling aan beleid. Toch durft de nieuwe dijkgraaf van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en voormalige staatssecretaris van V&W Monique de Vries in januari 2003 nog te zeggen: Wij steken onze nek uit om voldoende aanbod te leveren, de private partijen zouden dat ook moeten doen[1][1]. Dat kan ze toch niet menen? Hoe serieus moeten overheden worden genomen als zij zich niet houden aan de door hen zelf uitgevaardigde voorschriften en de burger en het bedrijfsleven daarmee in een heupzwaai nemen? Het verschil met het bedrijfsleven is dat overheden geen enkel risico lopen als ze hun nek uitsteken. Zij loopt dus met haar uitspraak geen enkel gevaar.

Aad van den Ende.