De Gelderlander (21 januari 2004)

Niemand wil slibstort in zijn achtertuin

Door ROB BERENDS

INGEN - Wat moet er gebeuren met het slib dat overblijft na het uitbaggeren van rivieren en havens? De weerstand tegen het inrichten van grote opslagplaatsen in de uiterwaarden groeit.

Protest bij de Ingensche Waarden. Foto: Raphael Drent

In Ingen zien ze het rampscenario al voor zich. Giftige stoffen vanuit de opslagplaats in de Ingensche Waarden verspreiden zich onder de dijk via het grondwater door de halve Betuwe. Fruitbomen verkleuren en sterven, enorme schades zijn het gevolg.
Doemdenken? Ger Hofstee van de Stichting Red de Betuwe is daar niet zo zeker van. "Als de plannen doorgaan, worden hier zeer giftige stoffen gestort. We weten vooraf niet om welke stoffen het gaat en ook niet welke chemische reacties op gang kunnen komen."
Ingen is de derde plaats in Gelderland die een baggerslibdepot dreigt te krijgen. Twee opslagplaatsen zijn er al: bij Drempt en de Kaliwaal bij Boven-Leeuwen. Gedeputeerde Henk Aalderink zegt dat in de komende jaren er zeker nog depots bij gaan komen.
De provincie Gelderland heeft in 1995 tien locaties aangewezen waar een depot mag komen. Maar al te veel waarde moet aan die keuze niet worden toegedicht. Het uitgangspunt is: op deze plekken mag het zeker, op andere plekken misschien. Drempt en de Kaliwaal stonden niet op de lijst.
De burgerprotesten zijn enorm. Dat was in Boven-Leeuwen zo. En in Ingen werden in korte tijd 1700 handtekeningen opgehaald tegen het depot, waar elf miljoen ton slib in zou moeten komen. In Amersfoort struikelde het college van Ben W zelfs over een plan voor een baggerstort. De angst voor het gif is groot.
"Dat is terecht", zegt Jaap Ketel. Hij is oud-Statenlid voor het CDA in Gelderland en werkt nu voor de Stichting Klasse 4, een stichting die zich inzet voor het hergebruik van zwaar vervuild slib.
"De overheid kan niet garanderen dat de vervuiling zich verspreidt. Die depots zijn vergelijkbaar met de stortplaatsen die nog overal in het land liggen. Daar heb je op tal van plekken problemen doordat er verontreiniging uit lekt. Er komen dan ook amper stortplaatsen bij." Aalderink geeft toe dat hij niet kan garanderen dat vervuiling zich verspreidt. "Een honderdprocentsgarantie kunnen we niet geven. Maar er komen wel keiharde voorwaarden voor nazorg. We houden het depot voortdurend in de gaten en als blijkt dat vervuiling vrijkomt, grijpen we onmiddellijk in."
"Ja", vraagt Hofstee zich vertwijfeld af. "Wat gaat hij doen als blijkt dat de vervuiling zich verspreid heeft? De halve Betuwe afgraven? Het is een financiële kwestie. Dit is goedkoper. En de vraag is: zijn wij bereid het leven van onze kinderen in de waagschaal te stellen voor vijf, vijftig of vijfhonderd miljoen euro?"
Het probleem zal in de komende jaren alleen maar groter worden, verwacht Ketel. "Een erg populair onderwerp is het niet, maar vervuild baggerslib is het grootste milieuprobleem van Nederland. De burger moet zich realiseren dat hij woont in een delta van bagger. We hebben het over duizenden voetbalvelden vervuilde bagger. Waarvan een deel, miljoenen tonnen groot, gewoon als chemisch afval beschouwd moet worden."
Rijkswaterstaat studeert inmiddels op alternatieven. Er is een prijsvraag uitgeschreven voor bedrijven, met als doel vervuild baggerslib te gebruiken als onderlaag voor wegen. Een slecht idee, vindt Ketel. "Dan ga je de vervuiling over het hele land uitsmeren, tenzij je erin slaagt de vervuilende stoffen te immobiliseren. Dat is weer een heel kostbaar proces, dus dat zal niet de bedoeling zijn. Ik snap niet dat de milieubeweging daar niet hevig tegen in het geweer is gekomen."
Ketel voorziet voorlopig niet dat het baggerslibprobleem snel wordt opgelost. Methoden om het baggerslib in fabrieken te verwerken tot bakstenen of korrels, stuiten nog op bezwaren van het rijk. Dat betekent dat het onontkoombaar is dat nieuwe depots worden aangelegd. De kans is groot dat er extra opslag bij de Tweede Maasvlakte in de Rijnmond komt.
De Gelderse SP vindt dat er geen nieuwe slibdepots meer bij mogen komen. SP-milieudeskundige Toine van Bergen vindt dat het niet te verkopen is dat fruittelers in de Betuwe gedwongen worden steeds minder bestrijdingsmiddelen te gebruiken om vervuiling van het grondwater te verkopen. Terwijl dat grondwater nu vervuild kan worden door de verontreiniging vanuit het baggerslib.
Maar gedeputeerde Aalderink vindt dat Van Bergen daarmee zijn kop in het zand steekt. "Opslag in de Rijnmond en verwerking zijn geen oplossing. De inrichting van meer depots in Gelderland is onontkoombaar."
Daar gelooft Hofstee helemaal niets van. Hij wijst erop dat de opslag in de Rijnmond nog lang niet vol is. "En dan is er nog een punt. We hebben het in Ingen over een natuurgebied. Een eindje verderop, bij Amerongen worden vistrappen voor zalmen aangelegd. Dat is toch van de gekke als je weet dat men hier giftig afval wil storten op een plek die rechtstreeks in verbinding staat met de rivier?"